regenton

Regenton aansluiten in augustus: zo vang je nog snel water op voor de droge nazomer

Terwijl de grond in augustus nog droog en hard aanvoelt, laat je bij elke bui water zo het riool in stromen. Een regenton aansluiten kost een middag en betaalt zich razendsnel terug.

Regenton aansluiten in augustus: zo vang je nog snel water op voor de droge nazomer

Vorige week viel er in de Achterhoek in nog geen twee uur tijd 38 millimeter regen. Bijna al dat water verdween via de regenpijp rechtstreeks het riool in, terwijl je border een paar dagen eerder nog kurkdroog en gebarsten was. Dat is precies het probleem van een Nederlandse nazomer: de buien komen met bakken tegelijk, maar tussendoor droogt de bodem sneller uit dan gemiddeld. Wie nu, begin augustus, alsnog een regenton aansluit, vangt de laatste zomerse stortbuien op en heeft in september nog altijd water achter de hand voor coniferen, hortensia's en kuipplanten die leidingwater niet goed verdragen.

Waarom augustus nog steeds een goed moment is

Het klinkt misschien laat in het seizoen, maar augustus is statistisch een van de nattere zomermaanden in Nederland — alleen valt die neerslag geconcentreerd in onweersbuien in plaats van gestage motregen. Het KNMI meldde half juli een neerslagtekort van ruim 120 millimeter voor grote delen van het oosten en zuiden van het land, met Twente en de Achterhoek opnieuw als droogste gebieden. Zo'n tekort bouw je niet in één weekend af, en juist daarom is het slim om elke bui die nu nog valt daadwerkelijk vast te houden in plaats van hem te laten wegstromen. Een regenton van 200 liter die je deze week aansluit, is bij de eerstvolgende zomerse onweersbui al vol — en dat scheelt weken later, als het najaar droog blijft, zomaar een paar keer sproeien met de tuinslang. Bovendien is de bodem na een hete zomer vaak zo verdicht dat water aan de oppervlakte wegstroomt in plaats van te infiltreren; een regenton geeft je de controle om dat water gedoseerd, met een gieter, alsnog bij de wortels te krijgen.

Welke regenton past bij jouw dak en tuin

Reken vuistregelmatig één liter regenwater per vierkante meter dakoppervlak per millimeter neerslag. Een rijtjeshuis met een schuine kap van zo'n 40 vierkante meter aan één zijde levert bij een bui van 15 millimeter dus ruim 600 liter op — meer dan de meeste standaardtonnen aankunnen. Bij Gamma en Hornbach beginnen eenvoudige kunststof tonnen van 200 liter rond de 40 euro; wie meer capaciteit wil, betaalt voor een houten of terracotta-uitziende ton van 300 tot 400 liter al snel 100 tot 150 euro. Een reële vuistregel: neem liever twee kleinere tonnen op verschillende regenpijpen dan één te grote ton die het grootste deel van het jaar toch leeg blijft staan.

  • Kunststof standaardton (200 l) — compact, goedkoop, weinig visuele impact
  • Ondergrondse of platte "wandmodel" ton — geschikt voor smalle stadstuinen
  • Regenwatersysteem met meerdere gekoppelde tonnen, voor wie serieus op leidingwater wil besparen

Overloop en aansluiting goed regelen

De meeste regenpijpen hebben geen aftakking, dus heb je een vulautomaat nodig — een kunststof of messing verloopstuk dat je zelf in de regenpijp zaagt en dat water pas naar de ton stuurt zodra de pijp een bepaald peil bereikt. Zo'n set kost tussen de 15 en 25 euro en is met een decoupeerzaag en een beetje geduld in een uur klaar. Zorg voor een overloop die het overtollige water terug de regenpijp in leidt zodra de ton vol is; sla je die stap over, dan loopt de tuin bij een stevige bui alsnog blank rond de fundering, precies het scenario dat je met een regenton juist wilde voorkomen.

Regenwater slim inzetten tijdens de nazomer

Beter is om regenwater te bewaren voor planten die gevoelig zijn voor de kalk in Nederlands leidingwater: hortensia's, azalea's, coniferen en de meeste kuipplanten groeien merkbaar beter op zacht regenwater dan op het kalkrijke water uit de kraan. Giet 's ochtends vroeg of 's avonds laat, nooit midden op de dag — bij hoge temperaturen verdampt tot 60 procent van het water voordat het de wortels bereikt, blijkt uit voorlichting van Waterschap Vechtstromen. Vermijd het gebruik van regenwater rechtstreeks op groente die je rauw eet, zeker na de eerste bui na een lange droge periode: dakresten, vogeluitwerpselen en fijnstof spoelen dan in geconcentreerde vorm mee de ton in, en dat wil je niet op je sla hebben. Voor de border, het gazon en niet-eetbare beplanting is dat risico verwaarloosbaar, maar voor de moestuin geldt gewoon: kraanwater, of laat de eerste bui na een droge periode ongebruikt wegspoelen voordat je de ton weer vult.

Wie een gieter met regenwater vult, merkt vaak meteen het verschil met leidingwater — het is zachter, warmer en de planten reageren er zichtbaar sneller op. Dat is geen inbeelding: leidingwater in grote delen van Nederland heeft een hardheid van 8 tot 15 Duitse hardheidsgraden, en juist kalkgevoelige soorten als hortensia's laten dat zien in vergelende bladranden. Een volle regenton van 200 liter is bij een gemiddelde tuin van 50 vierkante meter goed voor ongeveer twee tot drie volledige beurten gieten, wat in een droge week al snel het verschil maakt tussen een tuin die er nog fris uitziet en een tuin die duidelijk begint te verwelken.

Sproeiverbod en de regels van je waterschap

Een regenton omzeilt een sproeiverbod volledig, simpelweg omdat het geen leidingwater is.

Verschillende waterschappen kondigden dit jaar opnieuw beperkingen af zodra de grondwaterstand onder een kritieke grens zakte, en drinkwaterbedrijven als Vitens en Brabant Water riepen huishoudens op terughoudend te zijn met tuinsproeiers en zwembadjes tijdens piekuren. Landelijk kijkt Rijkswaterstaat onder meer naar het peil van het IJsselmeer, dat als zoetwaterbuffer voor grote delen van het land dient — een laag peil daar is doorgaans het eerste signaal dat een regionaal sproeiverbod eraan zit te komen. Wie zelf water opvangt, hoeft zich bij zo'n verbod geen zorgen te maken over een boete voor het gebruik van de tuinslang, want die regels gelden uitsluitend voor drinkwater uit het leidingnet.

Onderhoud dat voorkomt dat het water gaat stinken

Een regenton die de hele zomer in de volle zon staat, wordt binnen twee weken een kweekbak voor algen en muggenlarven — en dat ruik je vaak voordat je het ziet. Zet de ton waar mogelijk in de schaduw, of bouw een simpel afdakje van een oude plank; minder zonlicht betekent minder algengroei en een aanzienlijk lagere kans op stank. Een deksel is niet optioneel: zonder deksel legt een tijgermug binnen een paar dagen tientallen eitjes op het wateroppervlak, en dat is geen imaginair probleem meer sinds deze soort de laatste jaren ook in Nederland is waargenomen.

Chemische bestrijdingsmiddelen tegen muggenlarven zijn hier niet nodig en eigenlijk ook niet wenselijk, zeker niet als je het water later op groente of in de border gebruikt. Een simpel drijvend hor-gaas over de vulopening houdt muggen al grotendeels buiten, en wie toch larven ontdekt, kan de ton het beste gewoon een keer volledig leeggieten, uitspoelen en opnieuw laten vullen. Doe dat een keer per seizoen sowieso, ook zonder larvenprobleem: bezinksel van bladeren en dakgruis hoopt zich onderin op en gaat na een tijdje merkbaar ruiken zodra het water opwarmt.

De ton die je dit weekend aansluit, staat er dan ook nog voordat de eerste herfststormen komen — en dat scheelt je in oktober alweer een nat en koud klusje.