Waarom de moeite lonend is
Een groot deel van het huishoudelijk afval bestaat uit groente-, fruit- en tuinresten. Composteer je dat zelf, dan verdwijnt het niet in de container maar wordt het in een paar maanden donkere, kruimelige aarde die je tuin gratis voedt. Compost verbetert de structuur van de grond, houdt vocht vast en zit vol bodemleven. Je hebt er weinig ruimte en nog minder kennis voor nodig om te beginnen.
De balans tussen groen en bruin
Goede compost draait om de juiste mix. Grofweg verdeel je het materiaal in twee groepen:
- Groen (stikstofrijk): groente- en fruitresten, koffiedik, vers gras, theebladeren.
- Bruin (koolstofrijk): droge bladeren, karton, stro, snoeihout, eierdozen.
Streef naar ongeveer evenveel bruin als groen. Te veel groen maakt de hoop nat en stinkend, te veel bruin laat het proces stilvallen. Voeg lagen afwisselend toe en scheur grof materiaal klein, dan verteert het sneller.
Wat er beter buiten blijft
Niet alles hoort thuis op de composthoop. Vlees, vis, gekookt eten en zuivel trekken ongedierte aan en gaan rotten. Ook zieke planten, hardnekkig wortelonkruid en kattenbakvulling laat je weg. Houd je hieraan, dan blijft de bak reukloos en ongedierte op afstand.
Onderhoud met weinig werk
Keer de hoop af en toe met een vork om er lucht in te brengen; dat versnelt de vertering en voorkomt stank. Voelt het te droog, geef dan wat water; te nat, voeg dan droge bladeren of karton toe. Na enkele maanden vind je onderin donkere, naar bos geurende compost. Die zeef je en spreid je uit over je borders, moestuin of potten. Zo sluit je de kringloop in je eigen tuin.